OM. eist acht jaar cel voor poging doodslag meubelstoffeerder Veenendaal

Het openbaar ministerie heeft tegen de 54-jarige J. van O. uit Veenendaal een celstraf geëist van 8 jaar omdat Van O. op 2 december 2019 ontevreden zou zijn over de kwaliteit van het werk van een meubelstoffeerder waarna hij deze met enkele schoten neerschoot.

De schietpartij gebeurde op de kruising van de Cuneraweg en Brinkersteeg in Veenendaal. Kort daarvoor was het slachtoffer met hulp van enkele familieleden de meubels afgeleverd bij Van O. en zijn vrouw. Toen het slachtoffer weer wegreed werd hij door Van O. ingehaald en zette zijn auto voor die van het slachtoffer stil. Van O. begon direct verbaal uit te halen richting het slachtoffer door te roepen dat hij dit moest gaan oplossen. Het slachtoffer vroeg aan Van O. of hij niet tevreden was over het werk van de stoffeerder, “De meubels zijn toch goed?” riep het slachtoffer.

Direct daarop trok Van O. zijn wapen en schoot op het slachtoffer die werd geraakt, toen de vader van het slachtoffer kwam kijken wat er aan de hand was richtte Van O. zijn pistool op de vader van het slachtoffer maar het wapen weigerde toen hij vuurde en ging daarop er direct vandoor. De toegesnelde politie kon niet veel later Van O. aanhouden en insluiten.

De raadsman van Van O., mr. Kuijpers, kwam snel terug op zijn verklaring dat zijn cliënt niet had geschoten en dat juist de andere partij had geschoten, toen uit schotrestenonderzoek bleek dat Van O. de persoon was geweest die het wapen vast had gehouden. Daarop verklaarde Van O. dat de stoffeerder samen met zijn vader met messen en knuppels op hem af was gekomen, maar hier was geen bewijs voor. Door de verwondingen die het slachtoffer heeft opgelopen is deze niet meer in staat om zijn werkzaamheden uit te voeren.

Officier van Justitie mr. Goedegebuure, vond de daad van Van O. buitengewoon schokkend en verontrustend dat hij bij een conflict een wapen heeft gebruikt om zijn gelijk te halen, en dit wapen ook meerdere malen heeft gebruikt. Onderzoek door deskundigen bracht aan het licht dat Van O. verminderd toerekeningsvatbaar is en daarnaast zwak begaafd is en lijdt aan de ziekte van Parkinson waarbij ook meerdere gedragsstoornissen bij komen kijken. De officier van justitie wil dan ook dat Van O. hiervoor gaat worden behandeld. Mr. Goedegebuure  vond de feiten overtuigend bewezen en eist een celstraf van 8 jaar. Deze straf is onder de hoogte waarop behandeling en contractverbod niet als bijzondere voorwaarden naast de celstraf te kunnen opleggen, mr. Goedegebuure wil dan ook dat Van O. eerst de celstraf uit gaat zitten waarna dan pas de verplichte behandeling gaat plaatsvinden.

Uitspraak over 2 weken.