Share

Inwoonster Veenendaal verliest bijstandsuitkering door extreem laag waterverbruik

De Centrale Raad van Beroep heeft uitspraak gedaan in een hoger beroep zaak die was aangespannen door een inwoonster van Veenendaal nadat deze gemeente had besloten om de bijstandsuitkering die de vrouw genoot in te trekken.

Volgens de gemeente Veenendaal woonde de vrouw niet thuis. Als bewijs kwam de gemeente met het waterverbruik over de jaren 2014, 2015 en 2016, zij verbruikte toen gemiddeld 7m³ water per jaar.. Ook het gas- en elektriciteitsverbruik waren extreem laag.

Toen de gemeente bij de vrouw op huisbezoek kwam om te praten over de situatie kwam de vader van de vrouw de sleutel van het huis brengen. Onderzoek in het huis wees uit dat in het huis vooral kleding van een man lagen, volgens de vader van hem, en enkel een klein stapeltje vrouwenkleding in de slaapkamerkast.

In het huis waren geen levensmiddelen aanwezig op een pak suiker en koffiecreamer na, de badjas die in de slaapkamer hing was volgens de vader van de vrouw van een kind.

De vrouw verklaarde dat zij door ziekte bij haar ouders at, douchte en haar kleding waste maar gewoon thuis woonde en keurig de huur betaalde. De rechter ging niet meer in het betoog van de vrouw en besloot dat de uitkering terecht is ingetrokken door de gemeente.

De rechter besliste dat de vrouw de uitkering die zij genoot tussen 1 april 2014 t/m 31 juli 2019 moet terugbetalen inclusief de gemaakte kosten gemaakt door de gemeente Veenendaal maar niet zoals in eerste instantie een bedrag van ruim 67.000 euro, maar een bedrag van 16.890,73 euro.

Uit het rechtspraak archief.. Uitspraak van 28 juni 2022

Heeft u dit ook al gelezen?