21-jarige man uit Amstelveen krijgt drie maanden celstraf voor het illegaal invoeren vuurwapenonderdelen

Dit bericht is 56 keer gelezen

De 21-jarige R. B. uit Amstelveen krijgt drie maanden celstraf voor het illegaal invoeren van meerdere sledes bestemd voor Glock vuurwapens. De douane op Schiphol controleerde het pakketje uit de VS in december vorig jaar en trof toen de vuurwapenonderdelen aan. Het pakket was bestemd voor ene Ferdi, wonend in Amsterdam Zuidoost.

De politie besloot de verzending van het – inmiddels lege – pakket door te laten gaan en te volgen. Toen het koeriersbedrijf het pakket op het adres in Zuidoost wilde afleveren, bleek ‘Ferdi’ daar niet te wonen. Een dag later werd er gebeld naar het koeriersbedrijf door een persoon die zei Ferdi te zijn. Hij vroeg of het pakket kon worden afgeleverd op een adres in Almere.

De politie tapte daarna de telefoon van deze persoon af en wachtte hem op in Almere. Nadat het pakket op het adres in Almere was afgeleverd, kon de politie de man aanhouden. 

De raadsman, mr. Wout Morra, heeft vrijspraak bepleit. Daartoe heeft hij allereerst aangevoerd dat geen sprake is van doen binnenkomen. B. is volgens de raadsman, niet degene geweest die het pakket heeft verzonden, heeft aangebracht of heeft aangeleverd met de vraag om dit pakket naar een ander land te brengen. Bovendien heeft hij het pakket nooit in handen gehad. Uit de rechtspraak volgt dat onder doen binnenkomen ook kan worden begrepen het doen vervoeren. B. heeft het pakket ook niet vervoerd.

Vervolgens heeft de raadsman vrijspraak bepleit omdat het medeplegen niet kan worden bewezen. Het Openbaar Ministerie heeft de zaak tegen medeverdachte geseponeerd. Het is de vraag met wie B. het feit dan zou hebben medegepleegd. Voor het beoordelen van de samenwerking moet het aandeel van de betrokkenen worden beoordeeld. Niet kan worden vastgesteld dat verdachte met de verzender van het pakket heeft samengewerkt, of B. een aandeel had bij het organiseren van het naar Nederland halen van het pakketje. Het enkele doorgegeven van een adreswijziging en toekijken hoe het pakketje in Almere werd afgeleverd, is onvoldoende om als een bijdrage van voldoende gewicht te worden bestempeld in het kader van het tenlastegelegde medeplegen van doen binnenkomen.

Daarnaast ontbreekt het opzet op het medeplegen dan wel de medeplichtigheid op het invoeren van wapenonderdelen. Er is geen bewijs dat verdachte wist dat het geen zuivere koffie was. De goederen die in het voertuig van B. lagen, kunnen niet met het pakketje in verband worden gebracht. Niet kan worden vastgesteld dat B. bewust de aanmerkelijke kans heeft aanvaard dat er onderdelen van een wapen in het pakketje zaten. Hierom moet vrijspraak volgen.

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair ten laste gelegde kan worden bewezen. ‘B. heeft opzet gehad op het invoeren van onderdelen voor vuurwapens. Hij had wetenschap van de wapenonderdelen in het pakket. Verdachte heeft contact opgenomen met FedEx over het pakketje, heeft een adreswijziging doorgegeven en heeft daarbij een valse naam opgegeven. Op vragen van FedEx over de oorsprong van het pakketje wist verdachte de juiste antwoorden te geven. Hij beschikte dus over meer informatie dan alleen dat er een pakketje moest worden opgehaald. Ook heeft verdachte in een telefoongesprek met een derde gezegd dat hij “spits voor die pakketje” moest zijn waaruit is op te maken dat het ging om een heel belangrijk pakketje,’ aldus de officier van justitie.

De politie heeft verdachte geobserveerd en heeft gezien dat B. de buurt verkende, een mondkapje om deed, zich verstopte toen FedEx wegreed en foto’s maakte van de auto. In de auto van de moeder van verdachte is een accessoire gevonden voor een vuurwapen van het merk Glock. B. heeft eerder bij de rechter-commissaris verklaard dat niemand anders deze auto gebruikte. B. wist dat het foute boel was en dat het om onderdelen voor vuurwapens ging. ‘De rol van B. bij de invoer van wapenonderdelen was van een zodanig gewicht, dat ook het medeplegen kan worden bewezen. Dat onduidelijk is wie de mededaders zijn, staat niet aan een bewezenverklaring van medeplegen in de weg,’ aldus de officier van justitie.

De officier van justitie eiste daarom een gevangenisstraf van 7 maanden met aftrek van voorarrest.

Reageer op dit nieuwbericht
%d bloggers liken dit: